Neem je lot in eigen hand, Halina!

image
Wanneer een powervrouw als Halina Reijn haar twijfel omtrent het moederschap aanhangig maakt, dan is er meer aan de hand dan het theatrale vertoon van een toneelspeelster die haar verdriet over mogelijk te missen moederschap uit. Daarvoor is de kwestie ‘to-be-or-not-to-be-a-mother?’ een té wezenlijk onderdeel van de vrouwelijke levensloop. Daarvoor raakt het té indringend aan de wijze waarop wij een hoogtechnologische samenleving voor wat betreft voortplanting willen vormgeven. En daarvoor zijn Reijns ideeën wellicht te exemplarisch voor de wijze waarop jonge, vruchtbare vrouwen over kinderen krijgen denken.

Immers, Neerlands bekendste toneelspeelster mag dan weliswaar uitstekend in staat zijn de psychologie achter haar kinderwens te ontleden – waar ze mij verbaasd doet staan, is haar licht panisch weifelen of het haar nu wel of niet zal gaan overkomen, dat moederschap. Nu dacht ik dat die twijfel het domein was van mijn generatie, zijnde vrouwen die in hun vruchtbare jaren waren aangewezen op natuurlijke vormen van conceptie.

Voor Reijn is het moederschap iets wat haar van buitenaf wordt gegund of niet, een lotsbestemming. Terwijl het maakbare van onze samenleving nu juist het meest prominent aan de orde komt als vrouwen moeder willen worden en het allemaal niet vanzelf gaat. Een kind krijgen is anno 2016 een keuze, en dan reken ik daar uitdrukkelijk stiefmoederschap, adoptief moederschap en een kind uit een al dan niet gehuurde andere baarmoeder, bij.
Mogelijkheden te over.

Voor veel kinderloze vrouwen van mijn post-hippie generatie die eeuwig jong wilden blijven en maar niet aan trouwen en kinderen krijgen toekwamen, is het een voldongen feit: zelf op een natuurlijke manier kinderen baren behoort als vijftigplusser niet langer tot de mogelijkheden. Dat schept duidelijkheid. En om heel eerlijk te zijn heb ik het als een bevrijding ervaren om na mijn vijftigste niet langer vruchtbaar te zijn. Eindelijk kon ik het hoofdstuk Zelf Kinderen Baren definitief afsluiten.

Halina Reijn heeft met haar veertig jaar de finish van haar vruchtbare jaren in zicht, staat op een punt in haar leven dat ze spijkers met koppen moet gaan slaan als ze nog serieus werk wil maken van man en zwangerschap. Ze zei hierover in het tijdschrift Jan: ‘De grote dingen in mijn leven zoals De Man en De Baby liggen al vast, als ze komen, dan komen ze, en anders is het leven ook mooi.’ Maar met dit magisch denken over een rotsvaste lotsbestemming van het kaliber my days are numbered kom je er niet, is mijn ervaring.

Toen ik veertig was huwde ik een weduwnaar met drie kinderen en werd zo toch nog moeder, al was het ‘maar’ stiefmoeder. Mijn man en ik zouden biologisch gezien zeker nog samen een kind hebben kunnen krijgen, maar besloten er geen extra moeite voor te doen. Wat voor ons in de sterren stond geschreven, zou vanzelf wel komen. Of niet. Ook wij hingen dat magische denken aan dat er in feite op neerkomt dat de mogelijkheden er weliswaar zijn, maar dat je niet echt staat te springen om nog een kind op de overvolle wereld te werpen.

Het idee dat het wel ergens in de sterren geschreven zal staan is de resultante van onnodige paniek, maar ook de reactie van een vakvrouw die mogelijk opziet tegen de claustrofobische, heftig altruïstische aspecten van het moederschap. Maar wees gerust, Halina.

Moederschap hoeft niet iets te zijn wat je al dan niet overkomt, maar kan een toekomstige hoedanigheid zijn waar je als vrouw dan wel eerst met je hele hebben en houden voor moet kiezen.

 

 
Hennie Harinck is filosoof en auteur van het boek ‘ Scènes uit een stiefgezin’