Laat Curaçaose journalisten meedingen

 

Onlangs namen twee journalisten van Trouw en RTL de prijs voor Journalist van het Jaar in ontvangst voor hun voortreffelijk werk inzake de toeslagenaffaire bij de Belastingdienst. In zijn speech bij de uitreiking noemde Pieter Klein (RTL) de journalistiek ‘de bondgenoot van de burgers’. Het lijdt geen twijfel: een geoliede rechtsstaat is gebaat bij onafhankelijk opererende (onderzoeks-)journalisten. 

Dat dat op een klein eiland als Curaçao verduveld lastig is, is geen nieuws. In een landje bewoond door 160.000 mensen is de kans groot dat je oom in de politiek zit, of dat je nicht op de PR-afdeling werkt van een overheids-NV. 

Kleinschaligheid is niet het enige obstakel. Media op het eiland moeten het zien te rooien met uitermate geringe budgetten. Werken als journalist is nog net geen kwestie van liefdewerk oud papier, maar vergeleken met hun Nederlandse collega’s komen ze er bekaaid vanaf.

Ik heb het rijtje winnaars sinds 2006 eens doorgenomen, maar kon geen journalist ontdekken die op Curaçao, Aruba, Bonaire of op de Bovenwindse eilanden Sint Maarten, Saba of Sint Eustatius werkzaam is. Dat is ook niet verbazingwekkend. Er is domweg geen tijd voor grondige verdieping in onderwerpen. Op de vaak onderbemande redacties is het zaak de krant op tijd naar de drukker te sturen. Uit ervaring weet ik dat er, meestal ook nog eens zes dagen per week, keihard wordt gewerkt. Overigens zou de onlangs overleden oud-journaliste Marjo Nederlof niet hebben misstaan in het rijtje winnaars. Zij was een vasthoudende, zeer toegewijde journaliste die nogal eens stof deed opwaaien met haar niet aflatende – politieke – analyses van wat er mis was gegaan.

Wie de kranten – Antilliaans Dagblad, Amigoe en Extra zijn de grootste – een beetje bijhoudt weet dat de onderzoeksonderwerpen voor het oprapen liggen. Niet lang geleden was er bij voorbeeld een bankrun bij de Girobank, die inmiddels haar deuren heeft gesloten. Een ramp voor de klanten van deze bank. Toezicht op de financiële sector is in veel opzichten voor verbetering vatbaar, zo is al vaker gebleken. Als we kijken naar de media als vierde macht naast de trias politica, dan kunnen de ‘Antilliaanse’ eilanden, zoals ze voor de hervorming van de staatkundige structuur heetten, qua media beslist meer aandacht en (financiële) steun gebruiken, willen we een behoorlijk niveau van de rechtsstaat ook overzee overeind houden. 

Mijn pleidooi zou dan ook zijn om de journalistiek op met name Curaçao, Aruba en Bonaire, waar Nederlands de voertaal is, te betrekken in het Nederlandse prijzencircuit. Te weten dat je meedingt naar een prijs als bij voorbeeld Journalist van het Jaar zou een enorme stimulans betekenen voor de sappelende vierde macht die er nogal eens tegen de stroom in roeit en knokt voor objectieve, onafhankelijke berichtgeving. Uiteindelijk komt dit het optimaal functioneren van de democratie ten goede. De burgers van de zes Koninkrijkseilanden overzee verdienen het als bewoners van de rechtsstaat die het Koninkrijk der Nederlanden heet dat dat hun stem luider en duidelijker klinkt in de Antilliaanse media.  

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s